Voeding, spraak » Tips en hulpmiddelen

Tips en hulpmiddelen

Het is prettig als de ouders tijdens het voeden ontspannen zijn, als het eten in een rustige sfeer en omgeving kan plaatsvinden (geen haast!) en bij een kind wat snel overprikkeld is plaatsvinden in een prikkelarme ruimte (dus niet teveel afleiding, geen televisie aan!). De drie R’en van rust, regelmaat en reinheid (van een schone luier!!! niet van het knoeien met eten) zijn nog steeds goede uitgangspunten voor het verzorgen van een kind. Als je als ouder structuur kunt aanbrengen in een dag en ontspannen kunt laten verlopen, breng je dit ook over op je kind. Of het gelukt is, zie je het vaak aan de reactie van het kind. Gaat het gedrag van het kind tijdens het eten een steeds grotere rol spelen en wordt het voeden ook een gedragsprobleem, dan is het soms nodig om hulp van een gedragstherapeut of psycholoog in te schakelen.

Juiste lepel/beker
Het juiste gebruik van lepels en bekers kan ook een belangrijke bijdrage leveren aan het voeden van het kind.
Kinderen die overgevoelig zijn in het mondgebied vinden een metalen lepel vaak helemaal niet prettig. Kinderen die (nog) niet goed kunnen afhappen zijn gebaat bij een ondiepe plastic lepel omdat je het eten er dan wat makkelijker met je bovenlip kan afhalen.
Kinderen die overstrekken zijn gebaat bij een aangepaste beker zodat zij hun hoofd niet naar achteren houden tijdens het drinken. Het is belangrijk om zich bij het gebruik van deze eet-hulpmiddelen goed te laten voorlichten door een logopediste of ergotherapeut.
Naast goede hulpmiddelen kan met de voeding zelf, de zogenaamde consistentie (samenstelling) van het voedsel ook veel verbetering van het eten en drinken bewerkstelligd worden.

Kokhalzen
Een kind met gevoeligheidsproblemen in het mondgebied die bijvoorbeeld snel gaat kokhalzen bij het aanbieden van voedsel, is meer gebaat bij droger voedsel, in plaats van het 'half vloeibaar' te maken. Bruin brood is makkelijker dan wit brood – dat is plakkeriger en meliger en dat kan makkelijker de kokhalsreactie opwekken. Bruin brood dat in de wangzak wordt gestopt stimuleert de kauwreflex beter.

Gemengde informatie
Veel kinderen ervaren gemengde soorten voeding als verwarrend. Een voorbeeld hiervan is dat het voor sommige kinderen heel moeilijk is om vloeibaar met vast voedsel tegelijk in de mond te accepteren. Denk hierbij aan yoghurt met stukjes fruit, soep met groente of balletjes, maar ook potjesvoeding vanaf zes en negen maanden (gemalen, maar met stukjes).
Een kind kan bijvoorbeeld wel voedsel in zijn vaste vorm, bijvoorbeeld een stukje banaan of een spercieboontje, goed accepteren en opeten maar niet in combinatie met yoghurt of puree (glad en hard samen).
Andere kinderen houden helemaal niet van de geprakte en gemengde hap, maar stellen het veel meer op prijs om de groente, aardappelen/rijst/pasta en vlees/vis/kip gescheiden op hun bord te krijgen.

Drinken
Een tip is ook om aan kinderen die nog niet zo goed kunnen drinken 'dik vloeibaar' drinken te geven. Dus bijvoorbeeld yoghurt of vla in een beker. Maar ook kan het wenselijk zijn deze kinderen nog langer uit een fles te laten drinken. Dit laatste hangt weer van veel factoren af en kunnen goed in overleg met de logopediste worden afgesproken.

Niet te lang
Als laatste is het belangrijk om de tijdsfactor en de sfeer rondom het voeden in de gaten te houden. Wanneer het voeden langer dan 30-45 minuten per keer in beslag neemt en problematisch verloopt is er misschien hulp nodig. Een beladen sfeer tijdens het eten geeft spanning en kan het voedingsproces verstoren. Eten moet een leuk, prettig en sociaal gebeuren zijn, maar de omstandigheden zijn niet altijd zo dat dit makkelijk bereikt kan worden. Het is belangrijk dat de ouders/verzorgers dan niet schromen om hulp in te schakelen ook al is het soms maar voor een keer. Eén goede aanwijzing kan een heleboel narigheid voorkomen.

Bron: Kleine Maatjes jan 2003

specialisme:

Sociale kaart

Thema's